Luikse wafels I

     
  • 250 g zelfrijzende bloem
  • 125 g bruine suiker
 
  • 2 eieren
  • 75 g boter
 
     

Roer de boter zacht en voeg er de eidooiers met de suiker aan toe.
Voeg lepel na lepel de bloem en het stijfgeklopte eiwit bij.
Bestrooi een bord en de handen met een snuifje bloem.
Maak het deeg tot langwerpige rolletjes, die u in een warm beboterd wafelijzer bakt.
Deze wafels bieden het voordeel dat ze op reis kunnen worden meegenomen
en dat ze, indien ze in een blikken doos worden bewaard, verscheidene dagen goed blijven .

Luikse wafels II

     
  • 100 g boter
  • 40 g suiker
  • 1 zakje vanillesuiker
  • een snuf zout
  • 1 middelgroot ei
 
  • 4 eetl. melk
  • 250 g zelfrijzend bakmeel
  • 100 g bruine fijne kandijsuiker
  • olie om in te vetten
 
     

Roer de boter met de suiker, de vanillesuiker en het zout schuimig en meng het ei en de melk erdoor.
Zeef het bakmeel boven een kom, meng het beetje bij beetje door het botermengsel en kneed dit met de kandijsuiker tot een deeg.
Vorm 6 bolletjes van het deeg.
Laat het wafelijzer (op middelhoge temperatuur) heet worden en vet het in met olie.
Leg een deegbolletje in het midden van het wafelijzer en doe het wafelijzer dicht.
Bak de wafel in ± 1,5 minuut bruin.
Bak de rest van de wafels op dezelfde wijze.
Vet het ijzer tussentijds in met olie.



Terug