Kokosijs

     
  • 9 dl melk
  • 200 g suiker
  • 1/4 theel. gemalen kardemom
  • 2 eidooiers
  • 3 eetl. maïzena
 
  • 3 dl room
  • 2 theel. rozenwater
  • 75 g geraspte kokos
  • 75 g gepelde pistachenoten
  • 50 g rozijnen
 
     

Rooster de geraspte kokos licht in een droge koekenpan.
Haal de pan van het vuur en laat afkoelen.
Hak de pistachenoten en de rozijnen grof.
Verhit de melk, de suiker en de kardemom in een pan en roer tot de suiker is opgelost.
Klop de eidooiers los en voeg ze met de maïzena door de melk.
Giet de room erbij en breng alles aan de kook.
Laat op laag vuur zachtjes doorkoken en blijf ± 10 minuten roeren.
Zet, als de massa indikt, het vuur uit en roer er het rozenwater, de geroosterde kokos, de pistachenoten en de rozijnen door.
Laat het mengsel afkoelen.
Giet het mengsel in een lage bak of in bakjes voor grote ijsklontjes.
Dek af met plasticfolie.
Zet de bak in de vriezer en roer het ijs na een uur met een vork door.
Dit hoeft niet als u het ijs in bakjes voor grote ijsklontjes heeft gegoten.
Zet het ijs opnieuw in de vriezer en laat het helemaal bevriezen.
Haal het ijs ± 15 minuten voor het serveren uit de vriezer.
IJsklontjes kunt u zo op een schoteltje of schaaltje leggen.
Als u het ijs in een lage bak heeft gemaakt, kunt u er mooie, niet al te grote ruiten van snijden.
Leg een paar ruiten op een schoteltje en serveer er wat vers fruit bij.
Bijvoorbeeld wat schijfjes mango met een takje munt.

Opmerking
Kokosijs heet het op z'n Nederlands, in India heet dit ijs kulfi. Vaak worden er in India nog een paar druppels groene kleurstof aan toegevoegd om het er wat mooier uit te laten zien. En dat is inderdaad best aardig, bijvoorbeeld als de ene helft van het ijs wit wordt gelaten en de andere helft een mooi groen kleurtje heeft. Maar goed, nodig is het niet.
Dit kokosijs dankt zijn smaak en geur aan het gebruik van rozenwater. In India wordt rozenwater (het is verdunde rozenessence) vaak gebruikt in desserts en yoghurtdrankjes. Hier in Nederland verkoopt de toko het.

Bron: Tineke Sluijter
Gepubliceerd door: Astrid Veltman

Terug